Het is koud. Voor koukleumen (en buitensporters) is er Icebreaker. Het Nieuw-Zeelandse merk is gespecialiseerd in thermische onderkleding, gemaakt van wol van Merino schapen. De stof heeft mooie eigenschappen: het houdt je koel bij warmte, houdt je warm bij kou, en de wol jeukt niet en blijft vrij van geurtjes. En niet onbelangrijk, volgens Icebreaker is de productie van de kleding ethisch: mens en milieuvriendelijk. Wij gingen op onderzoek uit.

Bron: Icebreaker

Bij elke aankoop van Icebreaker zit een boekje. Op de eerste pagina’s staan prachtige beelden uit de Nieuw-Zeelandse natuur, en fraaie close-ups van schapen. Mooie beesten overigens. De boekjes vermelden dat de thermo-kleding niet van plastic is gemaakt, maar van Merino wol. Die wol is dus hernieuwbaar (groeit weer aan), bio-afbreekbaar (composteert) en daarom zegt Icebreaker: duurzaam. Dat is wat te kort door de bocht, want bij de verwerking van wol worden doorgaans flink wat chemicaliën toegepast. Experts van Made-By hebben wol in de laagste milieuklasse ingedeeld.

De Icebreaker website vertelt uitgebreid dat de productie ‘ethisch’ is. ‘It’s about our relationship to nature, and to each other’. Je kunt via een code ook kijken van welke ‘duurzame’ schapenfarm je wol komt, en dan krijg je weer mooi foto’s te zien.

Tussen alle mooie beelden en woorden vonden wij tot noch toe weinig concrete informatie die het gecreëerde imago bevestigen. Het bedrijf publiceert bijvoorbeeld geen CO2-voetafdruk, geen duidelijk beleid voor chemische bewerkingen van wol, geen goede standaard of controles op de arbeidsomstandigheden in Azië. Vooralsnog dus veel geblaat en weinig wol. De score van Icebreaker blijft nog even steken op 2 uit 16.

We hopen dat Icebreaker snel wat concreter wordt. Hieronder onze gratis aanbevelingen:

  • Geef een overzicht van de gehele productieketen (dus niet alleen de schapenfarms).
  • Maak duidelijk welke normen voor arbeidsomstandigheden in Aziatische fabrieken worden nagestreefd (supplier Code of Conduct); op welke wijze dit gecontroleerd wordt en welke partijen daarbij betrokken zijn (nu: 0 uit 8 punten).
  • Maak duidelijk wat de ‘ethische’ standaard voor wol precies inhoudt (nu: 0 uit 3 punten).
  • Maak duidelijk welk deel van de productie voldoet aan welke standaarden voor het gebruik van chemicaliën bij de verwerking van wol (nu: 0 uit 1 punt).
  • Maak een CO2 voetafdruk van de eigen bedrijfsvoering en stel concrete doelstellingen om deze te reduceren (nu 2 uit 4). Zo kunnen we zien wat het effect van de inspanningen is.-
  • Sluit aan bij initiatieven als Made By of Fair Wear Foundation, daar ligt de expertise en onafhankelijke toetsing van inspanningen.

 

De gewone banaan is vaak onvriendelijk in milieu en sociaal opzicht. Niet voor niks hebben wij het afgelopen jaar een ranking gelanceerd voor tropisch-fruit-merken. Gelukkig winnen fairtrade en Rainforest Alliance bananen terrein. Deze keurmerken helpen boeren aan betere prijzen en meer milieuvriendelijke productiemethoden. Nederlandse supermarkten geven Coop, Plus en SPAR het goede voorbeeld: zij verkopen enkel nog bananen mét keurmerk.

Hoewel je bij de overige supermarkten nog keuze te over hebt – ga ik nu voor fairtrade of conventioneel, Dole of Chiquita? – zie je daar wel in een oogopslag welke bananen fairtrade zijn. Die zijn namelijk verpakt in ‘composteerbaar’ bioplastic. Een handige hulp in het kiezen voor de ‘goede’ banaan. Maar is dat wel zo goed voor het milieu, eigenlijk?

Bioplastic
Het plastic waar de fairtrade bananen in verpakt zijn, is gemaakt van hernieuwbare grondstoffen zoals zetmeel van maïs. Een bioplastic bespaart tijdens de productie naar schatting zo’n 20% aan energie en CO2-uitstoot ten opzichte van gangbare kunststoffen. Het materiaal is herkenbaar aan het Kiemplantlogo, dat alleen wordt toegekend als het materiaal na drie maanden afgebroken is en geen nadelige effecten heeft op het milieu. Een prachtig alternatief voor gangbare plastics, vinden velen. Dit plastic zal niet blijven ronddwarrelen in de straten, vast komen te zitten in bomen, achterblijven op onze stranden, of de plastic soep in de oceaan aandikken.

Voor- en nadelen
Toch stellen partijen als Greenpeace en de Keuringsdienst van Waarde (KvW) vraagtekens bij het materiaal. Greenpeace is ongelukkig met de hoeveelheid genetisch gemodificeerde maïs die de grondstof vormt voor bioplastic. Bovendien is dat maïs kostbaar voedsel, dat ook anders goed benut kan worden, namelijk als voedsel. Daarnaast vond KvW in een van haar afleveringen uit dat bioplastic in ons afvalverwerkingsproces met het gewone afval wordt verbrand, in plaats van dat het belandt tussen het GFT-afval. Bij verbranding van bioplastic komt CO2 vrij. Op zich zo erg niet, want bij het composteren van bioplastic is dit net zo goed het geval. Maar bioplastic in de verbrandingsoven levert tenminste energie op.

Nodig?
Ondanks twijfels, is het composteerbare plastic natuurlijk een goede stap in de richting naar een volledig cradle-to-cradle proces. Voor producten die echt verpakking nodig hebben, dan. Want bij onnodig gebruik is zelfs een besparing van 20% aan energie en CO2-uitstoot nog steeds 80% teveel, lijkt ons.

Noten of vloeibare producten zijn bijzonder lastig te vervoeren zonder verpakking. Maar bananen? Waarom wordt er nou juist bij de fairtrade banaan voor een verpakking gekozen, terwijl de schil van de banaan al een natuurlijk verpakkingsmateriaal is? We klopten we aan bij het CBL en Albert Heijn. Helaas zonder succes – wij wachten nog op de beloofde reactie van een alwetende medewerker.

En dus…
Bij Rank a Brand delen wij punten uit aan merken van tropische producten die duidelijke doelstellingen hebben om (het gewicht van) de verpakking te verminderen. Hierin zien wij tot nog toe het gebruik van bioplastic als een van de verantwoorde doelstellingen. Klopt dit eigenlijk wel? Gezien ons vermoeden dat een consumentenverpakking om een banaan onnodig is, overwegen wij nu dit criterium aan te passen.

Is ons vermoeden juist, of zit er wel degelijk nut in het plasticje om die fairtrade tros? Weet jij de reden achter de verpakking? Vertel het ons via een comment hieronder, of via #biobanaan op twitter.

De Amsterdam Fashion Week (AFW) gaat vandaag van start. Modeminned Nederland staat op z’n kop op zoek naar de laatste kaartjes voor de beste shows. Ook voor fair fashion volgers is moois te zien: op vrijdag 27 januari is de finale van de Green Fashion Competition, die zich erop richt getalenteerde ondernemers in de mode te ontdekken. Ondernemers die wereldwijde biodiversiteit willen waarborgen. In de wedstrijd resten nog acht finalisten, die tijdens de AFW de kans krijgen hun nieuwste collecties op de catwalk te laten zien.

Duurzame nichemerken in de spotlight
Omdat wij ons voornamelijk richten op het onderzoeken van de grote consumentenmerken (deze harde keuze hebben wij enige tijd geleden uit capaciteitsoverwegingen moeten maken), staan deze bewuste merken niet in onze database. Toch willen wij de gelegenheid pakken om deze merken in de spotlight te zetten – het zijn júist de nichemerken die op duurzaamheidsgebied goed scoren. Het enige dat jij nog hoeft te doen is een bezoekje brengen aan de websites op zoek naar de laatste topitems.

Duurzame mode op Mint Fair, Modefabriek

Het is een wijdverbreid fenomeen dat de mode-industrie wordt bekritiseerd voor erbarmelijke arbeidsomstandigheden (zie zo ook onze blogposts hier en hier). Minder vaak denken we aan biodiversiteit als we een nieuwe prachtoutfit scoren. Volgens de organisatoren van de Green Fashion Competition, moet dit veranderen. Vrijelijk vertaald uit de Engelse bewoording op de website:

“Moderne productietechnieken en het verbruik van grondstoffen door de mensheid wereldwijd hebben een uiterst destructief effect op biodiversiteit in de wereld. Voorbeeld hiervan zijn de ontelbare hoeveelheden water die worden verspild in vele productietechnieken, de chemicaliën die worden gebruikt in kleurstoffen en andere behandelingen die het milieu vervuilen. Ook de grootschalige landbouw vernielt leefomgevingen.”

Hoe kan een modehuis de biodiversiteit waarborgen?
De competitie richt zich op een veelheid aan biodiversiteitissues in de mode, zoals het soort materiaal dat gebruikt wordt en de chemische processen die hiermee gepaard gaan. Dezelfde issues als waar wij naar kijken in onze merkbeoordeling. Een voorbeeld: ‘gewoon’ katoen is uit (katoen is de meest chemisch intensieve vezel om te produceren), maar biologische katoen is in. En het gaat niet enkel om natuurlijk en biologisch – wij zijn ook zeer tevreden als onze kleding van nylon is, zolang dit maar van gerecycled plastic wordt gemaakt. Zie de volledige lijst van ‘preferred materials’ in onze manual.

Goed voor de kleintjes, maar hoe doen de grote bedrijven het?
Het motto van de competitie is: ‘Sewing the seeds for the future of fashion’ (zaaien voor de toekomst van de mode), wat symbool staat voor het feit dat het de winnaars een permanente plaats in de mode-industrie gunt. Daarom komt de geldprijs ook met coachings- en netwerkprogramma’s. Toch zal het nog enige tijd duren voordat de kleine labels de industrie volledig gaan omgooien.Dus, moeten die mega-miljoenenbedrijven niet al iets ondernemen? Bij sommigen is een begin gemaakt: uit onze laatste fashion report blijkt een stijging in het aantal modemerken dat een beleid heeft voor betere chemische processen. Het aantal merken dat materiaal met een milieuvoorkeur gebruikt, is ook toegenomen. Maar er is nog een lange weg te gaan. Slechts 2% van de modemerken in onze database scoort op 4 uit 4 van de criteria op dit vlak. Een teleurstellende 86% scoort helemaal geen punten.

Voor een overzicht van de finalisten van de Green Fashion Competition, zie hier.

Ook was er tijdens de jaarlijkse Modefabriek afgelopen weekend volop aandacht voor duurzame mode op de Mint Fair. Een fris lichtpuntje in een RAI vol (toch veel onduurzame) commercie. Bekijk de website van de Modefabriek voor meer informatie over Mint en een overzicht van de duurzame kledingsmerken die hier te vinden waren.

 

Bij NRC Handelsblad is het roer om. Elke vrijdag verschijnen twee volle pagina’s met groene verhalen in de krant. De eerste editie afgelopen vrijdag bijt het spits af met een column van Max Christern, getiteld: ‘NRC krijgt – terecht – nul punten voor duurzaamheid’. Christern baseert zich op onze beoordeling van het NRC Handelsblad (inderdaad, nul punten), en stelt verder dat de krant van binnenuit de eigen bedrijfsvoering moet vergroenen. Dan denken wij gelijk aan zaken als FSC-papier, milieuvriendelijke drukinkt, en groene energie. Hoofdredacteur Peter Vandermeersch tweette instemmend.

Met de publicatie van de column steekt NRC Handelsblad de hand in eigen boezem. Wat ons betreft een prachtvoorbeeld voor elk bedrijf in elke industrie, daarom hier in zijn geheel afgebeeld:

Bron: NRC Handelsblad, vrijdag 20 januari 2012

Ter duiding: Christern verwijst in zijn column naar deze blogpost waarin we stellen dat kranten wel regelmatig schrijven over duurzaamheid, maar hier in de eigen bedrijfsvoering  weinig aandacht aan besteden. De meeste kranten (Volkskrant, Trouw, Algemeen Dagblad, NRC, de Pers) scoren nog altijd nul punten. Alleen de Telegraaf onderscheidt zich met heldere doelstellingen om de jaarlijkse CO2-uitstoot te verminderen. Sinds januari 2010 verschijnt ook elke zaterdag de Groene Telegraaf, een vaste rubriek met groen nieuws. Ook de Volkskrant besteedt al jaren structureel aandacht aan duurzaamheid (dit was bijvoorbeeld een mooi artikel). Bij Trouw staat groen nieuws zelfs dagelijks op het menu.

Bedrijven investeren in toenemende mate in MVO. Zo luidt een van de belangrijke conclusies uit het MVO trendrapport 2012 (maatschappelijk verantwoord ondernemen), dat MVO Nederland afgelopen vrijdag publiceerde. MVO Nederland wijst op een toenemende bedrijfsmatige interesse in duurzaamheid. Voor ons een belangrijke aanmoediging voor ons om nóg meer merken te beoordelen. En een aanmoediging voor de consument om nóg feller met de portemonnee te stemmen.

Trend #1: Aandacht voor MVO zet fors door

Uit het rapport van MVO Nederland:

“De aandacht voor MVO blijft toenemen in zowel MKB als grootbedrijf. Een stijgende klantvraag, kostenbesparing, grondstoffenschaarste en imagovoordelen zijn de hoofdredenen.”

De vraag van consumenten trekt de aandacht van bedrijven – dat wisten wij natuurlijk al langer dan vandaag. Bemoedigend is ook dat de consument MVO steeds belangrijker vindt: ruim de helft van de consumenten vindt MVO een toegevoegde waarde bij aankoop van producten of diensten. Toch is het feit dat de consument duurzaamheid belangrijk vindt, niet altijd direct zichtbaart in het aankoopgedrag. Prijs, kwaliteit en assortiment spelen ook een belangrijke rol.

Wel wordt duurzaamheid op grote schaal geprezen als een ‘wereldwijde mega-trend’ (zoek in Google op “sustainability megatrend” en je krijgt zo’n 95.000 hits). Ook de markt voor duurzame producten blijft groeien, zo meldt MVO Nederland. In combinatie met andere ontwikkelingen, zoals de schaarste van grondstoffen, is duurzaamheid niet te negeren. Blijf dus stemmen met je portemonnee, mensen!

Trend #5: De consument wil duurzaam, maar is steeds kritischer

Uit het rapport:

“De consument is kritisch. Het voldoen aan minimale duurzaamheidskenmerken is nauwelijks een Unique Selling Point meer voor bedrijven, maar een basisverwachting van de consument.”

Voor de consument is duurzaamheid de verantwoordelijkheid van bedrijven, en met deze optiek zijn wij het helemaal eens. Helaas zien wij dagelijks dat de verschillen in de mate waarin bedrijven MVO hebben doorgevoerd, nog erg groot zijn. Genoeg reden dus voor ons om steeds meer merken te beoordelen. Alles om de kritische consument een handje te helpen.

Trend #7: Transparantie: van compliance naar innovatie

“Naast het voldoen aan richtlijnen, komt er steeds meer aandacht voor andere vormen van transparantie over MVO. Door dilemma’s bespreekbaar te maken en de dialoog met belanghebbenden aan te gaan, leidt transparantie tot innovatie.”

Transparantie wordt meestal geassocieerd met verslaglegging en verantwoording achteraf. Dit is een benadering gericht op compliance. Met andere woorden, het voldoen aan richtlijnen en afspraken. Als mooie ontwikkeling merkt MVO Nederland op dat bedrijven nu een stap verder gaan: ze geven steeds meer inzicht in de dilemma’s die ze tegenkomen en de keuzes die ze maken. Alleen communiceren over het eindresultaat is onvoldoende (en hier zijn wij het roerend mee eens).

Dit zien wij ook terug in ons werk. Om een voorbeeld te noemen: Tony’s Chocolonely zegt eerlijk nog niets met EKO te doen. “Onze chocolade is Fair Trade gecertificeerd. EKO is een puur biologisch keurmerk en heeft niets te maken met arbeidsomstandigheden of loon.” “We zoeken wel naar een manier om de slaafvrije reep ook biologisch te produceren, maar zover is het nu nog niet.”

Met de stijgende transparantie kunnen wij meer bedrijven integraal beoordelen (het ontbreken van transparantie leidt nog steeds tot een 0-score). Zodat de consument nog beter weet wat hij in huis haalt.

Lees hier het volledige Trendrapport, of volg deze link voor een samenvatting van de tien trends.

Gisteren vond tijdens de jaarlijkse vakantiebeurs het ‘Changes in Tourism’ evenement plaats in de Jaarbeurs in Utrecht. Twee jaar geleden bezochten we de eerdere editie, waarbij wij vooral moesten concluderen dat een duurzaam beleid voor toerisme nog in de kinderschoenen stond… Voortgang komt met de jaren, dus wij waren benieuwd naar de initiatieven die dit jaar bestaan op het gebied van klimaat, milieu en arbeidsomstandigheden binnen de reisbranche. Reden dus voor een (milieuvriendelijk) treinreisje naar de Jaarbeurs. Hoe ziet verantwoord reizen anno 2012 er uit?

Focus op klimaat
CO2-uitstoot zoemde rond als een herhalend mantra. En dat zit vooral in het vervoer. Floris Fluitsma, medewerker van Sawadee, bracht tijdens één van de workshops een interessante case study in: “73% van de uitstoot van de gemiddelde aangeboden reis wordt veroorzaakt door de heen- en terugreis en nog eens 12% is een gevolg van lokaal transport.” Dat betekent dat 85% van de totale CO2-uitstoot van een reis wordt veroorzaakt door transport. Sawadee – die de dag ervoor nog een Groene Veer ontving voor haar Dopper actie – is niet alleen koploper in onze ranking. Op de Dutch Tourism Expo werd de reisorganisatie meerdere malen genoemd en geloofd voor haar duurzame bezigheden.

Kun jij herkennen waar deze fjorden zich bevinden?”, vroeg Fluitsma. “Waarom naar Nieuw-Zeeland gaan, als een zelfde soort fjord ook op 2 uur vliegafstand ligt?” Volgens Fluitsma wordt er voornamelijk een beleving gekocht. Het wordt bijna een soort wedstrijdje: kijk ik ben in Nieuw-Zeeland geweest, oh, ik in Antarctica… Hierdoor is het een belangrijke uitdaging om reizigers ervan te overtuigen dat reizen naar plekken dichtbij ook indrukwekkend is.

Rond arbeidsomstandigheden blijft het stil
Voor vergroting van energie-efficiëntie en vermindering van CO2-uitstoot door vervoer hebben wij een hoop mooie initiatieven gezien. Ook kwamen de effecten van de reizen voor lokale gemeenschappen aan bod. Zo was er in het programma ruimte voor een gesprek over ecolodges in Kenia, waar onderzoeksorgaan CelTor uitgebreid onderzoek naar heeft gedaan. In zijn conclusie zegt CelTor dat de gemeenschap wel degelijk baat kan hebben bij ecolodges. De grootte van de baten zijn echter per lodge erg verschillend, variërend van erg groot tot soms bijna nihil.

Afgezien van dit academische uitstapje vonden wij helaas nog weinig aanwijzingen voor concrete plannen gericht op het verbeteren van arbeidsomstandigheden in toeristische locaties. Te denken valt aan plannen ter voorkoming van kinderprostitutie/kinderarbeid (een voorkomend feit dat een aantal jaar geleden nog flinke discussie veroorzaakte), een maximale werkweek voor lokale arbeiders en een leefbaar loon. Kennen de reisorganisaties en hun lokale partners CAOs die alle arbeidsvoorwaarden goed vastleggen?

@ ANVR: wij zetten dit graag op de kaart als onderwerp voor volgend jaar. In februari komen wij met een nieuwe vragenlijst, waarin wij ook hierop criteria zullen stellen voor de reisorganisaties.

Zodat jij goed geïnformeerd de zomervakantie kunt plannen.

De kersttoespraak van de Koningin stond het afgelopen jaar geheel in het teken van duurzaamheid. Mooie woorden, zo vonden wij!

Hoe duurzaam is het koningshuis zelf?
Natuurlijk vragen wij ons af hoe het zit met het energieverbruik in de paleizen, de vliegreizen van de koninklijke familie en de koninklijke beleggingsportefeuille. Op de website van het Koninklijk Huis troffen wij enkel een jaaroverzicht en financiële verslaglegging. Een duurzaamheidsverslag ontbreekt. Misschien iets voor de Koninklijke #groenevoornemens voor 2012?

Koninklijke merken onder de loep
Niet alleen de leden van het koningshuis, maar ook enkele populaire consumentenmerken dragen een mooie koninklijke titel. Denk bijvoorbeeld aan de Koninklijke Verkade, Philips, Grolsch, KPN en Douwe Egberts. Ons team legde deze merken onder de loep, en kwam tot de bevinding dat enkele koninklijke merken zoals Verkade, Grolsch en KPN voorlopers zijn op het gebied van transparantie en maatschappelijke verantwoordelijkheid.

Terwijl zij in hun sector de ranglijst aanvoeren, zijn er toch nog enkele achterblijvers. Zo staat Douwe Egberts niet in de maatschappelijk verantwoorde top. Reden dus voor ons om de Koningin te vragen hier iets aan te doen. Aangezien het predicaat Koninklijk het bedrijf verplicht alles na te laten wat de reputatie kan schaden, kan maatschappelijk verantwoorde bedrijfsvoering als voorwaarde eigenlijk niet ontbreken. Aldus ons beleefde verzoek aan Hare Majesteit om duurzaamheid mee te nemen als afweging bij de toekenning van deze loffelijke titel.

Zie hieronder onze brief. Wij zijn benieuwd of we in 2012 kunnen overgaan ‘van Weurden naar Daden’. Jij ook? We houden je op de hoogte.

 

 

 

 

 

Waarom moeilijk doen als het groen kan

Wat is jouw goede voornemen voor het nieuwe jaar? Eindelijk inschrijven bij de fitnessschool? Stoppen met roken? Of heb je er geen, omdat je denkt het toch nooit vol te gaan houden- zelfs niet tot eind januari? Niet getreurd, wij hebben een oplossing. Hier een paar ‘groene’ voornemens waar je je gemakkelijk aan kunt houden – zoals vrijwilliger Alexandra uitlegt:

“De meeste mensen denken dat je voor ‘groen doen’ je hele leven moet omgooien. Dat je je auto moet opgeven, je niet meer mag vliegen en je je eigen moestuintje moet aanleggen. Hoewel we dat zeker aanmoedigen, zijn er ook vele kleine stapjes tot een groene lifestyle mogelijk – simpelweg door de manier waarop je consumeert te veranderen. Het belangrijkste is om anders te DENKEN over shoppen en kopen. Er is geen tijd te verliezen, laten we die verandering snel maken.”

Alex’ groene voornemene #1: stop met schaden van het milieu
“Vorige week zat ik in een café aan een Amsterdamse gracht toen een jongen naast me een ‘RedBeans’ koffie bestelde. Ik had nog nooit van RedBeans gehoord en zo nieuwsgierig als ik ben, moest ik die naam even checken op internet. Het bleek dat de koffiebonen van RedBeans duurzaam geproduceerd zijn, een Fairtrade keurmerk bevatten en komen in aluminiumvrije verpakkingen. Misschien moeten we ze ‘Greenbeans’ noemen…

Redbeans zijn niet de enige. Sterker nog, vandaag de dag is het bijzonder makkelijk om groener (en eerlijker) tropische producten te kiezen, van cacao tot koffie, suiker, bananen en ananas. Zoek naar de logo’s van Rainforest Alliance, UTZ, Fairtrade, Max Havelaar. Hoewel ze bekend staan om hun strijd voor eerlijke lonen, hebben ze ook allen een sterke focus op duurzaamheid van het milieu. En ze kosten niet zoveel meer dan dat je zou denken. Deze certificeringen zijn de beste garanties dat de producten waar je je lichaam mee voedt, duurzaam zijn geproduceerd en gekocht zijn van boeren voor een eerlijke prijs. Zeker de extra centen waard.

Dus zit ik nu op dezelfde stoel in hetzelfde café… maar nu draag ik bij aan het redden van het milieu terwijl ik mijn RedBeans Latté drink.

Alex’ groene voornemen #2: stop oneerlijke arbeidsvoorwaarden
“Zoals certificeringsprogramma’s tevens de lonen van boeren stimuleren, is er ook voldende noeste arbeid verricht voor het verbeteren van de arbeidsomstandigheden in andere sectoren. Zeker in de kledingbranche. Bij Rankabrand analyseren we het beleid van merken op het gebied van arbeidsomstandigheden en beoordelen we rapporten over hoe ze presteren. Zo checken we of merken een ‘leefbaar loon‘ betalen. Het enige dat jij en ik nog hoeven te doen, is de Rankabrand scores checken van een aantal van onze favoriete merken – en simpelweg de slechtst presterende vermijden.

Neem Zara en Mango als voorbeeld. Ze verkopen gelijkwaardige kleding voor een gelijkwaardige prijs, dus waarom zou je niet hun arbeidsomstandigheden meenemen als beslissende factor om binnen te lopen bij de één, en niet bij de ander? Kijkend naar de scores – Zara scoort hierop negen punten, Mango maar twee – heb ik de logische keuze gemaakt om bij Zara te winkelen. Terwijl ik niks opoffer op het gebied van prijs of stijl, is de winst voor de persoon aan de andere kant van de wereld enorm. Die krijgt daadwerkelijk genoeg geld om eten op tafel te zetten!”

Alex’ groene voornemen #3: stop klimaatverandering
“Dit is waarschijnlijk het moeilijkste voornemen om uit te voeren zonder grote offers te maken. Dus heb ik gekeken naar wat makkelijkere manieren om mijn deel van de aardse CO2-uitstoot te verminderen. Het antwoord is: koop lokaal.

Nee, niet op de markten van boeren die alleen elke derde zondag van de maand zijn, maar alleen als het samenvalt met de volle maan… Ga gewoon naar de bekende supermarkten, maar check waar je aardappelen of pepers verbouwd zijn. Hoe dichter bij huis, hoe minder CO2 onderweg is uitgestoten.

Overigens, wanneer je in de supermarkt bent, zijn er een aantal simpele ‘regels’ die je helpen groenere keuzes te maken. Als je moet kiezen tussen twee producten, kies dan voor het product dat:

  • een Fairtrade, MSC, UTZ, Max Havelaar, etc. certificeringslogo heeft;
  • het dichtst bij huis is verbouwd;-
  • minder bewerkt is;
  • bij voorkeur biologisch is;
  • minder verpakt is.

Mocht je op zoek zijn naar de hardcore groene tips, check dan het blogoverzicht dat we eerder voor je op een rijtje hebben gezet.
Laat ons weten hoe jij omgaat met deze simpele groene voornemens – en vertel ons of je zelf ook suggesties hebt! Wij horen graag wat jouw groene voornemens zijn via #groenevoornemens

En goed en groen 2012 gewenst!”

 

Kranten stonden er eind augustus vol mee: het populaire kledingmerk Zara werd aangeklaagd door het Braziliaanse Ministerie van Arbeid, voor onmenselijke arbeidsomstandigheden. De aanleiding was dat een Braziliaanse leverancier de productie onder uitbesteed had aan een naaiatelier waar werknemers 14 uur per dag moesten werken op een onhygiënische werkplek. Volgens de kranten was er ook sprake van gedwongen arbeid. Het is een van de weinige bekende gevallen waar het bedrijf juridisch verantwoordelijk wordt gehouden voor de arbeidsomstandigheden bij leveranciers.

Twee weken na deze verontrustende persberichten plaatste Inditex, moederbedrijf van Zara, een bericht op haar website waarin scherpere maatregelen staan beschreven voor de kledingproductie in Brazilië. Mede op basis hiervan kon Inditex eind december 2011 een schikking treffen met de Bra ziliaanse aanklagers. Van de geëiste 10,7 miljoen dollar gingen de Brazilianen akkoord met een schikking van 1,8 miljoen dollar, om zo verdere slepende juridische procedures te voorkomen.


Toch scoort Zara redelijk goed?
In het rankingsysteem van Rank a Brand wordt ieder merk beoordeeld op klimaat, milieu en arbeidsomstandigheden. Bij de modemerken worden 16 vragen gesteld, hiervan zijn 4 vragen gericht op klimaat, 4 vragen gericht op milieu en maar liefs 8 vragen gericht op arbeidsomstandigheden. Dit betekent dat de arbeidsvoorwaarden van modemerken net zo zwaar wegen als de criteria van klimaat en milieu bij elkaar.

Zara scoort in totaal 9/16 punten, een bovengemiddeld resultaat. Dit hebben zij met name te danken aan de 7/8 gehaalde punten voor arbeidsomstandigheden.

Wellicht denk je nu: dat is raar?! Rank a Brand stelt verschillende criteria op het gebied van arbeidsomstandigheden. Hoe is het dan mogelijk dat Zara hier een bovengemiddelde score op behaalt? Hoe werkt dat rankingsysteem van Rank a Brand eigelijk?

Allereerst is het belangrijk te melden dat alle gebruikte informatie publiekelijk beschikbaar moet zijn. Dit houdt in dat wij alleen informatie meenemen in de rankings mits dit duidelijk vermeld staat op de website van het merk (bijvoorbeeld Zara) of op de website van de merkhouder (bijvoorbeeld Inditex). Waarom wij geen enquêtes sturen? Wij vinden dat informatie over het Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) van merken beschikbaar moet zijn voor consumenten zodat er bewustere keuzes gemaakt kunnen worden. Het belang van bewustere keuzes legde Koningin Beatrix onlangs nog haarfijn uit.

Neemt Rank a Brand alle publiekelijk beschikbare informatie, zoals het uitgebreide rapport van Inditex dan klakkeloos over? Moedigen wij greenwashing – het vertellen van mooie schijnverhaaltjes vertellen om beter over te komen op consument en investeerders – dan aan? Nee! De 16 vragen zijn gericht op criteria gebaseerd op het huidige beleid, concrete toekomstplannen en behaalde resultaten.

Verifiëren van informatie
Een belangrijk aspect is dat we waar mogelijk deze informatie verifiëren. Gelukkig maken veel organisaties zich wereldwijd hard voor betere arbeidsomstandigheden. Verschillende grote organisaties richten zich op het controleren van de naleving van opgestelde gedragscodes. Vanuit Rank a Brand is het praktisch gezien onmogelijk om al deze checks zelf uit te voeren, dit zou immers betekenen dat wij duizenden fabrieken en naaiateliers moeten bezoeken. Daarom baseren wij ons dankbaar op de initiatieven waarvan bekend is dat zij een degelijk te werk gaan.

Het initiatief waar Inditex lid van is, heet het Ethical Trading Initiative (ETI) dat is gebaseerd op de arbeidsrechten van de International Labour Organisation (ILO). Binnen het ETI hebben onafhankelijke NGO’s een bepalende stem en zijn mede verantwoordelijk voor de aanpak. Deze organisaties kunnen hier dus ook aangesproken worden op misstanden die worden gevonden in de productieketens. Hierdoor vertrouwen wij erop dat de door Inditex opgestelde gedragscode voor arbeidsomstandigheden toepast en dat dit gecontroleerd wordt, en dat er een solide basis bestaat om problemen op te lossen. Daardoor verdient het bedrijf de punten.

Uit deze zaak met Zara blijkt helaas ook maar weer dat geen enkel controlesysteem of keurmerk waterdicht is. Verre van zelfs. Daar schreven we ook al eerder over. Goede werkomstandigheden, zoals een maximale werkweek inclusief betaald overwerk van 60 uur met een leefbaar loon en vakbondsvrijheid zijn nog lang geen norm in de meeste productielanden. Initiatieven zoals het Ethical Trading Initiative zijn dan ook broodnodig om hier verbeteringen in aan te brengen. Ook een bewuste consument en initiatieven die de consument hiermee helpen, zorgen voor een stap in de goede richting.

Vorig jaar zagen we ‘m al aankomen: de mighty megatrend die duurzaamheid heet en de toon voor komend decennium zet. En die heeft ons een toontje hoger doen zingen in 2011– alleen al door de interessante cases die tijdens ons werk voorbij kwamen. Onze conclusie: ambities genoeg, nu op naar het jaar van concrete resultaten!

Groene ambities
Puma publiceerde geheel onorthodox naast haar reguliere jaarcijfers ook haar milieuwinst- en verliesrekening en was daarmee wereldwijd nieuws. Gevolg: het kledingmerk moet flink aan de bak, want wereldwijd zijn de ogen nu gericht op het (naar eigen zeggen) aankomende ‘meest gewilde en duurzame merk’. Hoe verandert het de schokkende rode cijfers – afgeschreven bij moeder aarde – in opzienbarende groene getallen?

Een duurzaam merk willen worden is in de kledingbranche anno 2011 geen vreemde koek meer. Helaas gaat de weg naar dit voornemen niet altijd over rozen. Kuyichi, onze best practice in de denim & jeans sector, lag dit jaar onder vuur door aanhoudend tegenvallende resultaten in het behalen van een 100% score in deze ambitie. Ook H&M, middenmoter in onze ranking, kwam ondanks felle kritieken op haar beleid dit jaar naar buiten met het idee duurzame koploper te willen worden.

Andere sectoren zijn ook steeds sterker in beweging op duurzaamheidsgebied. Facebook deed grote beloftes en is een samenwerking met Greenpeace aangegaan om over te stappen op en te investeren in groene energie. Mooie voornemens, die hopelijk ook verder komen dan groene marketing alleen. Coca Cola deed het wat die groene marketing betreft goed dit jaar door met de PlantBottle™ naar buiten te komen. Een interessant initiatief, waar wij niettemin een aantal vraagtekens bij plaatsen. De vraag blijft: gelden deze duurzame voornemens ook voor het gehele productieproces van die magische frisdrankformule?

2011 in cijfers
Dus tja, genoeg plannen gezien. Wat deden de cijfers? De afgelopen maand rapporteerden we een stijging van 45% in de transparantie van kledingmerken over 2011 en zagen we dat supermarkten 40% hoger scoren dan het jaar ervoor. We hebben onze database aangevuld met 105 nieuwe merken in de sectoren bier, koffie & thee, tropisch fruit en chocolade en de sector politieke partijen op non-actief gezet, om ons beter te kunnen focussen op de consumentenmarkt.

Een daadkrachtig 2012?
Natuurlijk zijn we blij met de toegenomen transparantie in de verschillende sectoren, want transparantie gaat hand in hand met duurzaamheid. Toch zouden we geen idealisten zijn als we niet zouden hopen op concrete resultaten van alle mooie plannen. In 2012 houden we de genoemde mediakindjes dan ook strak in de gaten – naast de bestaande rankings en de algemene ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. Uiteraard gaan we ook nieuwe sectoren verkennen. Een overzicht van wat er komen gaat:

  • Van de duurzame ontwikkelingen in de dynamische fashionindustrie geven we in 2012 weer een update, met een bijbehorend jaarlijks Fashion Report.
  • De actie van Facebook met Greenpeace laat zien dat er een groot duurzaamheidsvraagstuk gemoeid gaat met de wide web world; reden voor ons op een update te maken van de websitesranking. We hebben al wat interessante gegevens voorbij zien komen…
  • Coca Cola heeft ons dorstig gemaakt naar informatie over de fairness in frisdrankland. Om deze dorst te lessen komen we in 2012 met een frisdrankenranking.
  • Voor bij je colaatje maken we de chips- en fastfoodsector inzichtelijk. Mocht je niet van cola houden of liever iets gezonders drinken; we doen hetzelfde met zuivel.
  • Bij non-food kijken we naar hoe groen onze schoenen eigenlijk zijn, en naar wat we op ons gezicht smeren: op veler verzoek komen we met een ranking van de cosmeticasector.
  • Verder starten we in 2012 met een nieuwe editie van de Rank a Brand Academy en ontplooien we in het kader van de campagne ‘Rank Your Style‘ enkele spannende activiteiten, waaronder de grote know-your-brand-game.
  • En er staat een interessante vernieuwing aan te komen. Het enige wat we hierover kunnen zeggen is: houd onze website in de gaten!

Dus, genoeg om naar uit te kijken in 2012. Mochten de Maya’s het toch mis hebben, dan voorspellen wij op onze beurt dat de vele wereldwijde doelstellingen om de planeet wat groener en eerlijker te maken, verder geconcretiseerd zullen worden.

Vol goede moed gaan we op naar 2012. Voor nu, een knallend nieuwjaar gewenst!