Hoe duurzaam zijn je favoriete merken?

Nieuws, blog en achtergronden over de duurzaamheid van merken

Rank a Brand wordt GoodOnYou.eco

GoodOnYou.eco, wereldwijd de grootste gids voor ethische mode heeft recentelijk Rank a Brand ingelijfd. Met deze stap bouwt GoodOnYou voort op het pionierswerk van Rank a Brand om de wereldwijde ethische modecommunity verder te laten groeien.

Sinds de oprichting in 2015 heeft Good On You meer dan 3000 modemerken beoordeeld op criteria voor mensenrechten, het milieu en dierenwelzijn. De Australische sociale onderneming is in 2018 in Europa gelanceerd, waar het snel zijn reputatie heeft gevestigd als een betrouwbare bron voor ethische mode. CEO Sandra Capponi zegt: “We zijn verheugd om de gebruikers van Rank a Brand te verwelkomen in de Good On You community en we feliciteren Niels en het Rank a Brand-team met hun werk in deze sector. Good On You bestaat om verandering te creëren en onze visie is om mode eerlijk en duurzaam te maken. We prijzen de ontwerpers en modemakers die het goed doen en verbinden ze met leden van de wereldwijde Good On You-community. Onze overname van Rank a Brand zal verder bouwen op deze visie.”

Rank a Brand beoordeelde in de afgelopen tien jaar de sociale- en milieuprestaties van meer dan 500 bekende merken. Oprichter Niels Oskam: “Op ons toppunt hadden we een miljoen gebruikers per jaar, maar vanwege onze non-profit insteek met veel vrijwilligers en minder donaties stagneerde de ontwikkeling. We kwamen op het punt dat we de weg omhoog alleen konden vinden als we zouden fondsenwerven om te investeren in technologie, en dan zouden we iets bouwen dat zou lijken op GoodOnYou. Het was daarom logischer om onze gedeelde missie samen voort te zetten”.

De webpagina’s van Rank a Brand zullen gaandeweg doorgeleid worden naar GoodOnYou.eco. Niels Oskam blijft actief als lid van de Raad van Advies van het Australische bedrijf.

Dank aan iedereen

Beste vriend, vrijwilliger, donateur en trouwe gebruiker van Rank a Brand,

Rank a Brand wordt Good On You. Met dit bericht wil ik je bedanken voor alle steun sinds de oprichting van Rank a Brand in 2009. We hebben samen een decennia lang aan een prachtig project gewerkt en veel bedrijven wakker geschud om transparanter en meer duurzaam te werken. We hebben vele duizenden consumenten op weg geholpen bij het kopen van meer faire producten zoals kleding, eten of elektronica.

Onze missie wordt nu grotendeels voortgezet onder de vlag van GoodOnYou.eco. Dit is een Australische social enterprise met een gelijke doelstelling als Rank a Brand. Het is een snel groeiend bedrijf dat al duizenden modemerken heeft beoordeeld op basis van criteria voor mensenrechten, milieu en dierenwelzijn. Via GoodOnYou kun je ook eenvoudig verder shoppen bij de meest duurzame merken. En ja, daarmee genereert GoodOnYou inkomsten. Door de commerciële insteek kan GoodOnYou hopelijk langdurig blijven groeien en vele miljoenen consumenten verleiden om fair te shoppen.

Bij ons was het achter de schermen vaak hectisch om het hoofd boven water te houden. Vanwege onze non-profit insteek met veel vrijwilligers en wat minder donaties stagneerde onze ontwikkeling. We kwamen op het punt dat we de weg omhoog alleen weer konden vinden als we flink zouden fondsenwerven om te investeren in technologie, en dan zouden we iets bouwen dat veel zou lijken op GoodOnYou. Het was daarom logischer om onze gedeelde missie samen voort te zetten De grote ambities van Rank a Brand krijgen nu via GoodOnYou een tweede leven.

Zelf blijf ik als lid van de Raad van Advies betrokken bij GoodOnYou. Ik wil me in deze positie speciaal inzetten voor de kwaliteit van het onderzoek en de weergave van de resultaten.

Bij dezen wil ik nogmaals iedereen bedanken die in het voorbije decennia betrokken was: vrijwilligers, donateurs, vrienden, bestuursleden, leden van de adviesraad, medewerkers, partner organisaties en alle gebruikers van de website en app.

Heeft u nog vragen of suggesties, neemt u dan gerust contact met me op.

Met vriendelijke groet,

Niels Oskam

niels (at) rankabrand (.) org

Outdoorkleding en Duurzaamheid: Goed op Pad of Niet?

Als er één type kleding is dat onlosmakelijk verbonden is met de natuur, dan is het wel outdoorkleding. Je weet wel, ademende jassen, winddichte broeken en beschermende base-layers – het type kleding dat je draagt voor wandeltochten, backpacken en mountainbiken.

Maar is deze kleding behalve goed om van de natuur te genieten ook goed voor de natuur zelf? Zonder dat arbeiders die de kleding maken worden uitgemolken natuurlijk?

Outdoormerken erkennen zonder meer hun natuurlijke verbintenis met duurzaamheid. Vaak vertellen ze hoe ze zijn opgericht door een paar liefhebbers van het buitenleven, geïnspireerd geraakt door de natuur. Het siert outdoormerken dat ze bestendige over modieuze kleding benadrukken, functionaliteit over fast fashion. Bijna allemaal bieden ze bijvoorbeeld een reparatiedienst. Patagonia en Norrøna doneren zelfs 1% van hun omzet aan milieuprojecten.

De outdoorbranche dient echter wel een stuk transparanter te zijn. Vooral klimaatrapportage was beperkt. Afgezien van VAUDE, rapporteerden slechts enkele merken een klimaatvoetafdruk, laat staan een lagere voetafdruk dan in het voorafgaande boekjaar. Rapportage over hernieuwbare energie was vaak ook te beperkt om ons te overtuigen dat merken daadwerkelijk koplopers waren in de energietransitie.

Daarentegen rapporteerden merken vaak over hun gebruik van ruwe materialen met een duidelijke milieuvoorkeur en het uitbannen van verdachte chemicaliën. Vooral PYUA scoorde hier hoog. Maar vaak bleef het onduidelijk welke materialen nu precies hoe vaak gebruik werden in de collecties van merken, en of chemicaliën ook in het productieproces waren geëlimineerd, in plaats van alleen in het eindproduct. Rapportage over afval en verpakkingen was ook beperkt, behalve door VAUDE.

Goede arbeidsomstandigheden, ten slotte, werden door merken eigenlijk evenzeer benadrukt als milieubescherming. Velen onthulden vlot een lijst met directe leveranciers, zijn lid van een multi-stakeholder initiatief en rapporteerden over mensenrechten in hun bevoorradingsketen. Desondanks konden zelfs koplopers nog niet garanderen dat al hun overzeese arbeiders daadwerkelijk leefbare lonen ontvingen. Een paar merken, zoals PYUA en Trigema, omzeilden dit probleem: Hun kleding is in principe gemaakt in landen waar wetten zorgen voor leefbare lonen.

Al met al overtuigde VAUDE ons er het meeste van goed op pad te zijn richting duurzaamheid, gevolgd door PYUA. Nuttige kennis, hopen we, als het je doel is om de natuur evenzeer te beschermen als te waarderen wanneer je erop uit trekt!

Voor alle rankingdetails…
…zie hier.

Voor alle rankingcriteria…
…zie hier.

Steun ons alsjeblieft…
…met een donatie. Dank je wel!

Duurzame thee: Hoe staat het daarmee?

Thee is, na water, de meest populaire drank ter wereld. En, als je het klaarmaakt zonder te veel water op te warmen, is thee ook een heel duurzaam drankje. Of dat zou het tenminste kunnen zijn.

Want verder moeten theebladeren ook op verantwoorde wijze worden ingekocht bij boeren, er moeten duurzame landbouwpraktijken worden gehanteerd, en thee moet ook milieubewust worden ingepakt. Dit is voor consumenten niet altijd eenvoudig vast te stellen, maar daar zijn wij natuurlijk voor.

In onze studie van meer dan een dozijn populaire Nederlands, Duitse en internationale theemerken hebben we aanzienlijke verschillen tussen merken gevonden. Koplopers zijn het Nederlandse merk Fairtrade Original (met een score van 14/19) samen met de Duitse merken Lebensbaum (16/19) en GEPA (13/19). Internationale merken, onder aanvoering van Lipton, Yogi Tea en Twinings, volgen op behoorlijke afstand (8/19 ).

Waar certificeringen zoals Fairtrade, Rainforest Alliance en Biologisch vroeger meer uitzondering dan regel waren, bemerkten we dat zulke certificeringen tegenwoordig de nieuwe standaard zijn. Inderdaad hebben veel merken zich tot doel gesteld om de komende paar jaar ongecertificeerde thee geheel uit de productie te nemen. Dat is een prachtige ontwikkeling.

Tegelijkertijd moeten we opmerken dat zulke certificeringen niet garanderen dat alle boeren daadwerkelijk voldoende loon krijgen of dat thee klimaatneutraal is geproduceerd. Hoewel de door ons best beoordeelde merken wel degelijk deze richting opgaan, heeft de theesector potentieel om veel verder te gaan. Dit komt niet alleen doordat zij in staat is om de levensstandaarden van ongeveer 8 miljoen Aziatische en Afrikaanse kleine boeren te verhogen. De theesector kan er door middel van duurzame landbouwpraktijken en composteerbaar verpakkingsmateriaal ook voor zorgen dat er bij het produceren van thee per saldo zelfs meer broeikasgassen in de bodem worden opgeslagen dan er worden uitgestoten.

Stel je dat eens voor: Het drinken van een kop thee zou dan niet langer je ecologische voetafdruk verhogen, maar in plaats daarvan betekenen dat je iets goeds doet voor de wereld!

Duurzaamheid telecom niet om over naar huis te mailen

Je zou denken dat voor services zoals mobiele telefonie, digitale tv en internet abonnementen, aangezien ze toch digitaal zijn, duurzaamheid niet echt een prioriteit is.

Maar dat is het wel. Verwacht wordt dat de telecomsector tegen 2025 maar liefst 10% van de wereldwijde energie verbruikt, dus is klimaatverandering wel degelijk een kernpunt. Bovendien gebruiken telecombedrijven ook veel hightech elektronica en duizenden kilometers aan kabels en draden. Als die niet op de juiste manier worden gerecycled, dragen ze bij aan een groeiend ecologisch en gezondheidsprobleem van elektronisch afval. En dan is er nog de aanschaf van dergelijke elektronica, waar kinderarbeid, dwangarbeid en conflictmineralen nog steeds een aanzienlijk risico vormen.

Onze geüpdatete rankings en rankingscriteria weerspiegelen deze nadruk op klimaatneutraliteit, de circulaire economie en verbeterde arbeidsomstandigheden. En, zoals vorig jaar, werden we in onze rankings tot onze vreugde geadviseerd en bijgestaan door Global Business & Sustainability masterstudenten van de Rotterdam School of Management.

Het klimaatveranderingsbeleid heeft het meest bijgedragen aan het verschil in rankings. Merken van KPN Group (KPN, Ortel, XS4ALL, Telfort en Simyo) spannen de kroon, want al in 2015 bereikten ze klimaatneutraliteit. Andere merken, zoals Vodafone, Deutsche Telekom en Ziggo hebben over het algemeen wel een klimaatbeleid, maar hebben hun CO2-uitstoot niet verminderd, noch voldoende aangetoond dat ze echt duurzame energie gebruiken.

Bij de overgang naar de circulaire economie zijn KPN-merken ook koplopers, omdat ze op schema liggen om in principe volledig circulair te worden in 2025. Echter zouden alle merken het percentage afval dat ze recyclen aanzienlijk moeten verhogen, en geen enkele rapporteert welk percentage van hun grondstoffen gerecycled wordt, ondanks dat het Global Reporting Initiative dit nadrukkelijk aanbeveelt.

Geen van de Telecommerken scoort hoog op het arbeidsbeleid. Vodafone en dochteronderneming hollandsnieuwe zijn de enige merken die goede vooruitgang laten zien bij het implementeren van een eerlijke gedragscode voor de leveranciers. Geen van de hier beoordeelde merken kan echter volledig garanderen dat, ondanks hun inspanningen, ten minste één conflictmineraal conflictvrij wordt gedolven. Evenmin hebben we een merk gevonden dat zo transparant was, dat het een lijst van zijn directe leveranciers kon verstrekken.

Natuurlijk hopen we dat de telecomsector antwoordt op onze oproep — tot meer duurzaamheid, dus.

Vers gebrouwen rankingrichtlijnen voor de koffiesector

Wist je dat koffie het eerste product was waarvoor een Fairtrade certificering was geïntroduceerd, nu drie decennia geleden? Om na te gaan of de koffiesector als geheel – en sommige merken in het bijzonder – een voorloper is op het gebied van duurzaamheid, hebben we voor de koffiemerk-ranking van dit jaar de ranking criteria aanzienlijk aangepast. Als voorbeeld leggen we nu meer nadruk op de klimaatvoetafdruk van de toeleveringsketens en moedigen we merken aan klimaatneutraliteit te bereiken. Maar we hebben ook de manier van hoe we sociale en milieukeurmerken toepassen, zoals Fairtrade, verfijnd.

De aanpassingen aan de sociale en milieukeurmerken zijn vooral gedreven door de gezaghebbende aanbevelingen van Milieu Centraal. Zoals vermeld in de aangepaste rankingrichtlijnen voor de koffiesector, is Milieu Centraal ontstaan als een initiatief van het toenmalige Ministerie van Milieubeheer (VROM). Het is een onafhankelijk, niet-commercieel wetenschappelijk onderzoekscentrum dat zijn eigen onderzoek uitvoert naar keurmerken, ook bijvoorbeeld middels het houden van een multi-stakeholderdialoog met de organisaties achter de keurmerken. Hun onderzoek wordt geverifieerd door een expertgroep en het proces wordt overzien door de Wetenschappelijke Raad van Advies. Milieu Centraal evalueert certificeringen op een schaal van 0 (overeenkomstig de minimum wettelijke vereisten) tot 5 (zeer strenge eisen) op zowel milieustandaarden (“Milieu”) als arbeidsvoorwaarden (“Mens en Welzijn”), terwijl tegelijkertijd geverifieerd wordt of het keurmerk transparant is (“Transparantie”) en streng monitort op compliance (“Controle”). Om deze reden accepteert Rank a Brand enkel koffiekeurmerken die beoordeeld zijn door Milieu Centraal.

Naast het bovengenoemde zijn de sociale en milieukeurmerken nauwkeuriger geworden, ze garanderen niet dat 100% van de productie van de koffiebonen of theebladeren gecertificeerd is. Dit heeft ertoe geleid dat Rank a Brand nu het percentage van de gecertificeerde koffiebonen berekent gebaseerd op het minimum gegarandeerde percentage (en niet op het percentage dat gerapporteerd wordt in de duurzaamheidscommunicatie van het bedrijf).

Naar aanleiding van deze veranderingen in de ranking criteria zijn er wat verschuivingen ontstaan in de rankings sinds de laatste update van de koffiesector. Zowel Peeze als het Duitse merk Lebensbaum zijn omhoog gegaan en zijn thans de hoogste scorende merken, met een A-ranking, met respectievelijk 18 en 16 van de totaal te behalen 20 punten. Samen met Hesselink Koffie zijn zij de enige merken die een A-ranking ontvangen. Dit komt hoofdzakelijk door hun pogingen om zoveel mogelijk van hun koffie gecertificeerd te krijgen op de sociale als milieustandaarden die overeenkwamen met de nieuwe, meer transparante rankingcriteria, zoals besproken in de vorige alinea. Bovendien, de moeite die deze merken doen om de consument te informeren op hun websites is bewonderenswaardig.

Over het algemeen is er in de koffiesector in zijn geheel nog heel wat ruimte voor verbetering, met 13 van de 22 merken (59%) die een “D” scoren of lager. Veel merken zouden transparanter kunnen zijn betreffende hun certificeringen van de koffiebonen. Ze moeten zich meer richten op de duurzaamheid van hun toeleveringsketen, aangezien daar de impact op het milieu en de sociale omstandigheden het meest voorkomt.

Om ons werk te doen, hebben we jouw steun nodig. Naast jouw bijdrage als verantwoorde consument die geïnformeerde beslissingen maakt met behulp van onze website, kun je ons ook helpen door een financiële bijdrage te doen of als vrijwilliger te helpen bij ons onderzoek. Wil je op de hoogte blijven van ons onderzoek naar de duurzaamheidsprestaties van bekende merken? Volg ons dan op FacebookTwitter en Instagram. Of meld je op de website aan voor onze nieuwsbrief.

Keurmerken, Rank a Brand, en Milieu Centraal

Er was eens een tijd dat je van elke type product hooguit één duurzame variant had. Biologisch gehakt. Fairtrade chocola. Heel simpel.

Dat is nu wel anders. Goede kans dat jouw supermarkt nu ook Rainforest Alliance en Utz-certified chocola verkoopt. Of zelfs chocola met zowel een Biologisch als een Fairtrade keurmerk. En dan zijn daar ook nog verschillende merken van — die dan bijna allemaal weer duurder zijn dan chocola zonder keurmerk.

Tja, een beetje keuzestress is de duurzame consument vaak niet vreemd. Want wat zeggen die keurmerken nu precies over de duurzaamheid van een product? En welke keurmerken maken nu echt een verschil?

Daar willen wij natuurlijk ook meer over weten, en gelukkig kan dat ook. Recentelijk heeft de Nederlandse, onafhankelijke voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal op basis van wetenschappelijk onderzoek en een meervoudige stakeholderdialoog een groot aantal voedselkeurmerken onderzocht. Zoals je hier kunt lezen, heeft zij de volgende elf keurmerken daarbij tot topper uitgeroepen:

Milieu Centraal heeft deze keurmerken beoordeeld op Milieu, Dierenwelzijn, en Mens & Werk. Daarnaast is beoordeeld of deze merken ook transparant opereren en strikte controles hanteren.

Zulke informatie helpt de consument in de supermarkt natuurlijk enorm—evenals, niet te vergeten, ons. Sommige merken rapporteren namelijk hoeveel procent van hun grondstoffen gecertificeerd is met een keurmerk, en die informatie kunnen wij dan nu gebruiken om nauwkeuriger te berekenen hoe duurzaam dat merk scoort.

Ook al zeggen keurmerken dus veel over duurzaamheid, het merk zelf kan vaak ook nog een behoorlijk verschil maken. Zo beoordelen veel keurmerken bijvoorbeeld wel de bevoorradingsketen, maar niet de bedrijfsvoering zelf. De elf topkeurmerken zeggen bijvoorbeeld niet altijd veel over de CO2 uitstoot van de eigen operaties, over verpakkingsmaterialen, of over afval. Dat nemen wij dan wel weer uitgebreid mee in onze beoordeling.

Enkel naar een keurmerk kijken is wel een uitstekende strategie als je tussen twee producten van hetzelfde merk wilt kiezen.

Het zal nog wel even duren voordat alle duurzaamheidsaspecten van alle merken onder relevante keurmerken zijn ondergebracht. Maar in de tussentijd maakt het keurmerkenonderzoek van Milieu Centraal onze rankings net weer een stukje nauwkeuriger. En heb jij hopelijk minder keuzestress in de supermarkt.

Voor het onderzoek van Milieu Centraal, zie: https://www.milieucentraal.nl/milieubewust-eten/check-het-plaatje.

Rank a Brand vs. RSM businessstudenten: 11 ideeën

Oké, experimentje: 54 masterstudenten van de Rotterdam School of Management die gespecialiseerd zijn in maatschappelijk verantwoord ondernemen verrichten een paar weken lang merkonderzoek voor Rank a Brand en bestuderen diens methodologie en operaties. Vervolgens presenteren ze hun bevindingen. Levert dit voor Rank a Brand nog nuttige inzichten op? Zijn de werkzaamheden van Rank a Brand eigenlijk wel bestand tegen zulk kritisch onderzoek?

Zoals je misschien al had geraden, hebben we dit experiment net uitgevoerd. Verscheidene studententeams van de master Global Business and Sustainability aan de Rotterdam School of Management hielpen met de ranking van de telecomsector als onderdeel van de cursus Sustainability & Behavioural Ethics. Intussen onderzochten ze hoe rechtvaardig het rankingsysteem van Rank a Brand is, of rankings gebaseerd zijn op de ‘juiste’ waarden, hoe Rank a Brand het beste zijn stakeholders zou kunnen behandelen, en nog veel meer.

Hun algehele conclusie: Rank a Brands werk is gebaseerd op gedegen onderzoek, cruciaal om bewustzijn bij consumenten te creëren en onschatbaar in het onder druk zetten van bedrijven om duurzamer te worden. Maar uiteraard is de weg richting echt duurzame productie en consumptie nog steeds lang. Daarom hebben studenten allerlei ideeën bedacht om Rank a Brand te helpen zijn missie te verwezenlijken. Hier volgt een selectie.

  1. Rank a Brand ambieert uitbreiding naar andere landen en daarmee naar andere culturen. Maar zijn er wellicht verschillen in hoe culturen duurzaamheid zien? Een interculturele dialoog kan nuttig zijn om te peilen of Rank a Brands beoordeling van duurzaamheid cultureel bevooroordeeld is en per cultuur aangepast dient te worden.
  2. Rank a Brand beoordeelt duurzaamheid niet als enige. Andere initiatieven zijn de Dow Jones Sustainability Index, de Corporate Knights’ G100, Good Guide en B Corp certificering. Het is weinig verrassend dat deze beoordelingen soms verschillen. Maar hoe komt dit, en kan dit via een eventuele samenwerking worden aangepakt?
  3. Rank a Brand evalueert van merken hun beleid op het gebied van arbeidsomstandigheden, milieu en klimaatverandering. Dit behelst duidelijk een aantal van de meest belangrijke duurzaamheidsissues, maar mogelijk zijn er ook andere interessante domeinen. Een mogelijke toevoeging is bijvoorbeeld economische duurzaamheid. Merken kunnen dan gerankt worden op criteria als het vermijden van belastingen.
  4. In welke mate zouden merken lage scores op sommige gebieden mogen compenseren met hoge scores op andere? Als een merk bijvoorbeeld verdacht wordt van kinderarbeid, zouden positieve praktijken, zoals het gebruik van duurzame energie en het recyclen van afval dan nog steeds volledig beloond moeten worden?
  5. De A- tot E-ratings van Rank a Brand zijn weliswaar to the point, maar kunnen verward worden met Amerikaanse rapportcijfers of het feit verhullen dat, zeg, twee C-ratings soms qua ranking meer verschillen dan een C- en D-rating. Een alternatief zou daarom het minder ambigue vijf-bladeren system kunnen zijn. Bovendien zou, wanneer de muiscursor op de ranking van een merk wordt geplaatst, een pop-up window de afzonderlijke scores kunnen tonen voor arbeidsomstandigheden, milieubeleid en klimaatbeleid.
  6. Rank a Brand hecht aan transparantie: merken die geen duurzaamheidsinformatie bekend maken, krijgen steevast de laagste rating. Hoewel dit transparantie stimuleert, kan het kleine merken met beperkte middelen om zulke informatie te publiceren benadelen. Wellicht dat zulke merken templates kunnen ontvangen zodat ze, om een nauwkeurige ranking te krijgen, enkel de benodigde informatie in hoeven te vullen.
  7. Hierop voortbordurend zou Rank a Brand ook transparanter kunnen zijn over de ontwikkeling van zijn eigen methodologie. Zo zijn de onderzochte duurzaamheidsdomeinen geselecteerd uit verschillende bronnen, waaronder het Global Reporting Initiative, maar hoe wordt bepaald of al deze domeinen optimaal worden meegenomen in het onderzoek? En hoe wordt voor elk domein beslist welke richtlijnen voldoende betrouwbaar zijn om gebruikt te worden voor de rankings? Een manier om transparantie te bevorderen zou kunnen zijn om merken van tevoren op de hoogte te stellen over nieuwe criteria.
  8. Merken die al sterk aan duurzaamheid hechten, geven waarschijnlijk om meer dan enkel hun ranking. Wat kan Rank a Brand hun verder nog bieden? Een verslag van de bedrijfstak met de laatste ontwikkelingen qua ranking bijvoorbeeld? Of misschien zijn deze merken wel bereid om hun nieuwste inzichten te delen om zo het rankingproces verder te ontwikkelen?
  9. Naarmate Rank a Brand verder groeit, worden mogelijk meer formele reglementen en procedures noodzakelijk. Denk aan auditing, maar ook aan het gebruik van gecodificeerde ethische richtlijnen voor non-profitorganisaties. Zo zou expliciet kunnen worden vermeld dat rankers geen belangenconflicten hebben.
  10. Voor Rank a Brand als non-profitorganisatie is het een open vraag hoe impact en toegevoegde waarde gemeten kan worden. Statistieken zoals het aantal websitebezoekers en gerankte merken meten dit enkel bij benadering. Een interessante KPI kan daarom zijn hoeveel merken een hogere ranking ontvangen dan het jaar ervoor. Een probleem hiermee is echter dat hogere rankings ook het gevolg kunnen zijn van andere factoren dan Rank a Brands activiteiten.
  11. Consumenten kunnen na het bezoeken van de website van Rank a Brand de beste intenties hebben om duurzame merken te kopen, maar als puntje bij paaltje komt dit toch nalaten. Om te zorgen dat goede intenties daadwerkelijk vertaald worden in gedrag, zou Rank a Brand een browserextensie kunnen uitbrengen die consumenten in staat stelt rankings van merken te zien wanneer ze op het internet surfen of zelfs winkelen.

Zonder twijfel is het ontvangen van al deze ideeën van zoveel uitermate kritische en scherpzinnige studenten een beetje als een zwerm bijen in een boomgaard: prikkelend en erg vruchtbaar. Zonder meer zullen we dan ook — zeker nu we onze nieuwe website aan het ontwerpen zijn en een grondige revisie gepland staat van onze Wiki met daarin onze ranking criteria — elk idee zonder meer serieus overwegen. Dat betekent natuurlijk niet dat ons geëxperimenteer met het vragen om advies beperkt is tot het consulteren van businessstudenten. Dus, beste lezer, aarzel niet en voel je vrij je ideeën met ons te delen!

Een oproep aan telecomproviders voor meer duurzaamheid

Als je denkt aan merken in sectoren waar een noodzaak is voor duurzaamheid, komt de telecomsector misschien niet meteen in je op. Toch is dit een sector die zoveel energie gebruikt (Engels) dat een stap richting hernieuwbare energie een enorme verbetering betekent. Deze afhankelijkheid van energie wordt vooral veroorzaakt door datacenters die het netwerk van internet en telefonie ondersteunen.

Naast het energiegebruik zorgt ook de aanschaf van elektronica voor een grote impact op zowel milieu als arbeidsomstandigheden. Door bij deze aanschaf duurzamere en eerlijkere keuzes te maken, bijvoorbeeld door aanschaf van elektronica waarvan de metalen verantwoord voor zowel mens als milieu worden gewonnen, kan de telecomsector belangrijke verbeteringen doorvoeren. Tenslotte zijn telecomproviders vaak de eerste bron van mobiele telefoons die door consumenten aangeschaft worden. Door consumenten te laten zien wat de impact is van deze telefoons en door hen alternatieven te bieden (voor een voorbeeld, zie onze ranking van elektronicamerken) kunnen deze bedrijven hun klanten bewegen richting betere keuzes. Dus, met bovenstaande in acht nemend, hoe presteren telecomproviders nu daadwerkelijk? Dat vind je hieronder.

Weinig verandering ten opzichte van de vorige update
In de vorige update van deze sector kwam KPN en diens andere merken (Ortel, XS4ALL, Simyo en Telfort) als duidelijke winnaars naar voren. Alle vijf merken behaalden toen een B-rating, wat betekent dat de merken goed op weg waren richting duurzaamheid, terwijl er nog altijd verbeterpunten mogelijk waren. In deze nieuwste update, uitgevoerd door studenten van de Rotterdam School of Management, behoudt echter alleen Ortel deze B-rating. De reden hiervoor is dat Ortel geen hardware biedt – en daarmee dus ook klanten niet verleidt tot het constant opnieuw aankopen van de nieuwste modellen mobieltjes terwijl de oude nog prima werkt. Op die manier zorgt Ortel dus voor een lagere milieu-impact. Aangezien KPN onvoldoende rapporteert over het beleid voor het milieuvriendelijk en sociaal verantwoord inkopen van hardware (zowel verkocht als gebruikt), krijgen de genoemde merken van KPN een lagere score tijdens deze update. Dit leidt tot een lagere C-rating, waarmee KPN nog altijd redelijk op weg is, maar er nog genoeg te verbeteren valt. Wat KPN siert is dat het bedrijf alleen hernieuwbare energie gebruikt die in Nederland is opgewekt, zowel uit wind als biomassa. Bovendien publiceert KPN de uitstoot van broeikasgassen en laat het bedrijf zien duidelijke stappen te hebben gemaakt deze uitstoot te verlagen. Tenslotte laat KPN goede resultaten zien op het gebied van recycling van zowel consumenten- als eigen elektronica en van afval.

Naast de hierboven genoemde merken heeft ook Hollandsnieuwe (eigendom van Vodafone) een C-rating behaald. Hollandsnieuwe gebruikt, net als KPN 100% hernieuwbare energie. De rest van de telecomproviders behalen allen een D- of E-rating. In de eerste categorie vinden we namen als Ziggo, T-Mobile, Lebara, Ben, Simpel en Vodafone. Terwijl Vodafones Nederlandse merk Hollandsnieuwe goed presteert als we het gebruik van hernieuwbare energie meenemen, is Vodafone onvoldoende duidelijk in hoeverre dit gebruik voor de diensten wereldwijd geldt, resulterend in een lagere score.

In de laagste categorie, met een E-rating, vinden we merken als Tele2 en Stipte. Deze merken laten niet of nauwelijks zien maatschappelijk verantwoord ondernemen als onderdeel van hun bedrijfsvoering mee te nemen. Onze aanbeveling naar consumenten is om deze merken voorlopig links te laten liggen, in ieder geval tot ze duidelijke verbeteringen door hebben gevoerd.

Steun Rank a Brand
Om ons werk te kunnen verrichten hebben we jouw steun hard nodig. Naast je bijdrage als verantwoordelijke consument die bewuste keuzes maakt met behulp van onze website, kan dit ook door ons financieel te ondersteunen of door als vrijwilliger mee te helpen met ons onderzoek. Als je het werk van Rank a Brand belangrijk vindt, nodigen we je uit om Vriend van Rank a Brand te worden. Wij vragen onze Vrienden een jaarlijkse donatie van €25, of meer als je dit er voor over hebt, om ons werk te kunnen blijven doen. Als Vriend van Rank a Brand heb je inspraak in de sectoren en merken die we onderzoeken en kun je bijdragen aan het verder ontwikkelen van onze criteria. Voor meer informatie, zie onze website.

Volg het laatste nieuws over het onderzoek van Rank a Brand naar de duurzaamheidsprestaties van bekende merken via Facebook, Twitter, Instagram, YouTube en LinkedIn en geef je op voor onze nieuwsbrief (rechtsboven op onze website).

De zoektocht naar online duurzaamheid

Ze zijn zo vanzelfsprekend in ons dagelijks leven dat het lijkt alsof hun ecologische voetafdruk net zo verwaarloosbaar is als de elektriciteit die het kost om hen te laden. Niet is minder waar. We hebben het over websites. Denk aan Google, Gmail, Facebook, Wikipedia, eBay, LinkedIn, Youtube, Dropbox en nog vele anderen. We gebruiken ze als zoekmachines, voor sociale interactie en om te winkelen. We maken gebruik van deze diensten zonder ons zorgen te maken over de eventuele negatieve impact die deze websites op mens en milieu kunnen hebben. Maar klopt dit ook?

Om dit te toetsen heeft Rank a Brand heeft een update gemaakt van de staat van duurzaamheid van de 23 meest gebruikte (consumenten)websites. We hebben hiervoor het beleid en de bijbehorende beleidsimplementaties op het gebied van impact op milieu en mens doorzocht.

Resultaten
De resultaten laten zien dat ondanks het feit dat er verschillende verbeteringen zijn, de scores over het algemeen omlaag zijn gegaan. De meeste positieve punten zijn te verdelen op het gebied van klimaatmaatregelen in het algemeen en meer specifiek het gebruik van duurzame energie. Een totaal van 16 van de 23 website geeft aan maatregelen te hebben genomen om de uitstoot van broeikasgassen te minimaliseren, reduceren of compenseren, waarbij dit zowel relatief als absoluut het best scorende onderdeel van het beleid is. 8 van de 23 hebben daar bovenop ook de jaarlijkse voetafdruk van hun eigen bedrijfsvoering openbaar gemaakt en hebben laten zien dat zij deze voetafdruk met 10% hebben weten te verminderen. 11 websites hebben een Power Usage Efficiency (PUE) in hun datacentra van minder dan 1.5 (voor meer informatie over PUE, zie de Engelse Wikipedia).

Minder goed presteren de 23 websites echter op het verantwoord omgaan met e-waste. Zo is er geen enkele website die overtuigend beleid publiceert (om niet eens te spreken over jaarlijkse resultaten). Er zijn zelfs maar 4 websites, Alphabet, Inc.’s merken Gmail, Google, Google+ en YouTube – die tevens een C-rating behalen, die überhaupt een beleid hebben om met leveranciers en dienstverleners te werken die hun eigen impact op het milieu in acht nemen. Toch zijn ook deze 4 merken er niet in geslaagd om specifieke en overtuigende informatie te presenteren over de resultaten die hier binnen geboekt zijn.

Van de 7 websites die een D-rating kregen in deze update waren er 5 (Facebook en Instagram van Facebook Inc en Bing, Skype en Outlook.com van Microsoft Corp) die hun waterverbruik publiceren en een beleid hanteren om dit te verminderen. De drie websites behorende tot Microsoft Corp publiceren ook duidelijke maatregelen en jaarlijkse resultaten met betrekking tot hun materiaalvoetafdruk. De laatste twee overgebleven D-ratings zijn eBay en Marktplaats (beiden van eBay, Inc.). Deze websites verdienen enkel punten met een algemeen klimaatbeleid zoals hierboven benoemd.

Als laatste is er dan nog de groep die een E-rating kreeg. Deze groep kan opgesplitst worden in een groep die nog wel enkele punten verdient en een groep die geen enkele punt krijgt. Tot de eerste groep behoren websites als Flickr en Yahoo! (Yahoo! inc.), de in Nederland minder bekende websites GMX en WEB.DE (United Internet AG) en Wikipedia. Zij verdienden enkel punten dankzij een algemeen beleid om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Yahoo! Inc publiceert daarbij nog wel de klimaatvoetafdruk en een behaalde reductie van 10% van 2013 naar 2015. Dan de hekkensluiters Dropbox, LinkedIn, Myspace, Pinterest, Twitter, Vimeo en XING. Deze websites geven op geen enkele wijze blijk van een sociaal en/of klimaatbeleid.

Oproep tot actie
Dus, wat kunnen we doen? Het massaal verwijderen van onze social-media-accounts of stoppen met zoeken op Google lijkt weinig realistisch. Wat wel kan is het e-mailen, tweeten of posten van vragen om sociaal en milieubeleid naar de respectievelijke websites. Daarnaast bestaan er veelbelovende alternatieven zoals Ecosia of Posteo die stellen duurzaamheid als de kern van hun diensten te zien. Of dit ook klopt moeten we nog testen en dat zouden we dan ook graag doen. Zie hieronder hoe dat mogelijk gemaakt kan worden.

Steun Rank a Brand
Om ons werk te kunnen verrichten hebben we jouw steun hard nodig. Naast je bijdrage als verantwoordelijke consument die bewuste keuzes maakt met behulp van onze website, kan dit ook door ons financieel te ondersteunen of door als vrijwilliger mee te helpen met ons onderzoek. Als je het werk van Rank a Brand belangrijk vindt, nodigen we je uit om Vriend van Rank a Brand te worden. Wij vragen onze Vrienden een jaarlijkse donatie van €25, of meer als je dit er voor over hebt, om ons werk te kunnen blijven doen. Als Vriend van Rank a Brand heb je inspraak in de sectoren en merken die we onderzoeken en kun je bijdragen aan het verder ontwikkelen van onze criteria. Voor meer informatie, zie onze website.

Volg het laatste nieuws over het onderzoek van Rank a Brand naar de duurzaamheidsprestaties van bekende merken via Facebook, Twitter, Instagram, YouTube en LinkedIn en geef je op voor onze nieuwsbrief (rechtsboven op onze website).